18 dec 2019

Tussenkomst Energie- en Klimaatplan

Op 18 december hielden de parlementsleden in de Commissie Leefmilieu een gedachtewisseling over het Brussels Energie- en Klimaatplan en de COP25. Lees hier de tussenkomst van Lotte. 


We staan vandaag voor de uitdaging van de eeuw: de gevolgen van de huidige klimaatsituatie zullen enorm zijn voor de mensheid en onze planeet, en snelle actie met krachtige maatregelen is dringend. Een understatement. En niemand zal kunnen zeggen dat we het niet wisten. Ik sluit me volledig aan bij de woorden van collega Ingrid Parmentier die reeds kort de geschiedenis van ons klimaatbewustzijn schetste.

Het klimaatakkoord van Parijs van december 2015 was het eerste universele klimaatakkoord, erop gericht om de klimaatopwarming te beperken tot minder dan 2 °C ten opzichte van de pre-industriële niveaus, en indien mogelijk de inspanningen voort te zetten om de temperatuurstijging te beperken tot 1,5 °C.
De COP25 in Madrid had het moment moeten worden waarop de doelstellingen uit het klimaatakkoord van Parijs verder werden uitgewerkt, maar het is de deelnemende landen niet gelukt om daarover concrete afspraken te maken. Ruim veertig uur later dan gepland spraken de landen af voor volgend jaar hun klimaatdoelstellingen voor 2030 "zoveel mogelijk aan te scherpen". Er had echter een stevig akkoord moeten komen dat antwoord geeft op de roep van de burgers met de wetenschap als leidraad en dat de urgentie erkent, of eerder uitschreeuwt, van de klimaatnoodtoestand waarin we ons bevinden. De klimaattop volgend jaar in Glasgow zal daarom cruciaal zijn om echt daadkrachtige afspraken te maken.

Ik ben blij dat Brussel zich inschrijft in de doelstellingen van onze Europese Green Deal, en de wens van de Europese Commissie om van Europa het eerste klimaatneutrale continent te maken tegen 2050. Brussel wil de directe broeikasgasemissies met minstens 40% terugdringen tegen 2030, en streeft ernaar koolstofneutraal te zijn tegen 2050. Ook voor de vermindering van indirecte emissies wordt een kader gecreëerd. In de begroting van 2020 zagen we dat de werkingsdotatie aan Leefmilieu Brussel voor het dekken van de uitgaven voor het Klimaatfonds toeneemt van 5.748.000 naar 8.748.000.

Investeringen zijn noodzakelijk, maar investeren in transitie betekent vooral de bestaande investeringen anders inzetten en ze gebruiken voor nieuwe, groene alternatieven. Nu niets doen en doorgaan met business as usual is de duurste optie; zowel financieel gezien als voor onze samenleving en planeet als geheel. De omschakeling naar een koolstofneutrale samenleving is de grootste uitdaging, maar tegelijk ook de grootste kans van onze tijd. Een transitiebeleid brengt vele voordelen met zich mee, naast die voor het klimaat en leefmilieu: het creëren van werkgelegenheid, het verminderen van de verwarmingskosten, meer comfortabele woningen, minder luchtvervuiling, ... 

We moeten echt out of the box kunnen denken en op een pro-actieve manier een kader creëren voor de vele burgerinitiatieven en commons die opstaan om de niet altijd gemakkelijke opdracht om een mental shift SAMEN te bewerkstelligen. Politiek, markt en commons zijn drie poten die mekaar dienen te helpen, aan te vullen en te versterken. We moeten samen naar een nieuwe manier van leven, ja, je hoort het AGALEV, Anders Gaan Leven. Out of the box, de snelheid van de burgermaatschappij omarmen en pro-actief betrekken bij het beleid. 

Gebouwen

De Regering verbindt zich ertoe om een renovatiestrategie uit te werken om de milieu- en klimaatimpact van de bestaande gebouwen te verkleinen. Om de financiering hiervan te steunen zal de regering de groene lening en de energiepremieregeling aantrekkelijker en toegankelijker maken. Het is essentieel dat de groene transitie hand in hand gaat met het sociaal beleid: ik verwelkom dan ook de plannen van de regering om financiële steun prioritair te richten op de bescheiden en gemiddelde inkomens en de strijd tegen de energiearmoede, en om de samenwerking met de sociale huisvestingsmaatschappijen voort te zetten en te versterken. 

Energie

Ook zal de Regering inzetten op hernieuwbare energie door het gebruik van zonnepanelen en warmtepompen nog meer te stimuleren. In deze context zou ik graag nog eens het concept van zonne-delen aanhalen, waarbij een hele buurt in een energy community kan profiteren van de energie geproduceerd door zonnepanelen op een gebouw. Er zijn al proefprojecten hierrond bezig, en ik benadruk nog maar eens het belang om nog meer van deze projecten uit te rollen, die zowel ecologisch als sociaal een zeer positieve impact kunnen hebben. Aangezien het Gewest het overgrote deel van zijn energie importeert, verwelkom ik ook de ontwikkeling van een investeringsstrategie in hernieuwbare energie extra muros. Goede samenwerking met de andere gewesten is hiervoor essentieel. Ook ten aanzien van watergebruik en -hergebruik staan er zeer interessante burgerinitiatieven op die reeds samenwerken met de privé en de overheid. Maar dit kan nog veel sterker uitgebouwd worden in innovatieve samenwerkingstructuren.

Afval

Het verbranden van afval gaat gepaard met grote uitstoot van broeikasgassen. We moeten afval verminderen door komaf te maken met overbodige verpakkingen, en hergebruik en recyclage te stimuleren. Zoals ook al aangehaald bij de begrotingsbesprekingen, vindt Groen het een goede zaak dat de groenestroomcertificaten voor de verbrandingsoven zullen worden afgeschaft. Tot we zover zijn, is het feit dat de opbrengsten van deze groenestroomcertificaten gebruikt zullen worden voor afvalvermindering en voor de circulaire economie een goede tussenstap. Ook iets waar Groen samen met Ecolo al lang voor pleit wordt nu een feit: het uitfaseren van de verbrandingsoven. 

Circulaire economie

De transitie naar de circulaire economie zal gestimuleerd worden door de Regering via instrumenten van economische ondersteuning. De overstap naar de circulaire economie is nodig om de indirecte uitstoot van broeikasgassen te verminderen. De Regering wil dat tegen 2030 alleen nog maar de sociaal en ecologisch voorbeeldige economische modellen in aanmerking komen voor steun van het Gewest. Het is ook nodig dat we blijven inzetten op het ondersteunen van lokale productie, wat ook nog eens extra jobs oplevert.

Dit geldt ook voor voeding; we moeten met relevante stakeholders en de Brusselaars samen kijken hoe we in ons Gewest zoveel mogelijk lokale, duurzame en gezonde voeding kunnen aanbieden. Ik verwelkom dan ook de intentie van de Regering om een alliantie rond Werk, Milieu en Duurzame Voeding op te starten. Bij de talrijke Growfunding projecten in Brussel zien we lokale initiatieven die inspelen op de transitie en ik kan u vertellen dat als iedereen de lokale Lakens Gombucha met appelsien en kaneel voor de kerstperiode heeft geproefd, we misschien zelfs op termijn geen frisdranken van grote multinationals meer willen drinken en met al die kleine lokale bedrijfjes een even grote werkgelegenheid creëren met heel wat meer geïnde belastingen en minder emissielasten…zoals vervoer bv.

Zo gaf recent onderzoek duidelijke cijfers over de co-relatie tussen steden die inzetten op het gebruik van openbaar vervoer en waar de fiets het ‘nieuwe normaal’ is EN het floreren van lokale winkels en bedrijfjes.

Transport

Het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen van het vervoer, de tweede meest uitstotende sector, wil de Regering inzetten op alternatieven voor de wagen en evolueren naar een zero emission wagenpark. Brussel heeft hoge nood aan meer en aangenamere ruimte voor voetgangers, betere en veiligere fietsinfrastructuur en een sneller en efficiënter openbaar vervoersnetwerk. Deze maatregelen kunnen we alleen maar met open armen tegemoet zien.

Bovendien zal er overlegd worden met de andere Gewesten om een samenwerkingsakkoord proberen te vinden rond de invoer van een slimme kilometerheffing. De studie die de Vlaamse overheid bestelde is nu uiteindelijk toch publiek gemaakt en wat blijkt een win-win-win: terugdringen files, meer jobs en gezondere lucht. En Elke Van den Brandt zei het al, zo'n systeem werkt uiteraard het best als het overal in België wordt toegepast. De Regering zal in elk geval binnen haar eigen bevoegdheden een grondige hervorming van de verkeersfiscaliteit voorstellen, die mee zorgt voor de sociale en ecologische transitie. Wederom toont deze Regering ambitie en ik kijk uit naar het resultaat.

Wat betreft indirecte uitstoot en om even te refereren naar de terechte bezorgdheden van collega Casier las ik deze ochtend in de krant over een actie van OVO, een onafhankelijke Britse energieprovider, om mensen niet alleen aan te zetten to think before you print maar ook to think before you thank: "If every Brit sent one less thank you email a day, we would save 16,433 tonnes of carbon a year - the same as 81,152 flights to Madrid". We zouden hier ook al voor kunnen oproepen. Een maatregel die niet veel kost.

Ik ben ook heel blij dat er in Madrid een heus plan gestemd is over het genderbelang in de klimaatuitdagingen. Ik denk dat we dit ook in Brussel sterk naar voor mogen blijven schuiven. Mijn collega's Agic, Teitelbaum en ikzelf zullen dit in de commissie voor vrouwenrechten zeker en vast opvolgen.

Publiek debat

Het voornemen van de regering om volgend jaar een publiek debat te lanceren met de Brusselse burgers, de economische, sociale en institutionele actoren, de transitie-initiatieven en de plaatselijke besturen over een koolstofarme visie voor Brussel tegen 2050 is een belangrijke stap. Het is erg belangrijk om de Brusselaars actief te betrekken bij het transitiebeleid. Het biedt sociale opportuniteiten, we zorgen zo ook dat iedereen mee is. More brains, more ideas. Meer perspectieven, rijkere oplossing. En hierbij citeer ik de Facebook post van Annemie Maes, experte op dit terrein, die de nagel op de kop slaat: "Ik geloof nog steeds in de daadkracht van de jongeren. Ik geloof in het verzet van de burgers. Ik geloof in de stedelijke dynamieken.... maar het (beslissings)systeem moet duidelijk anders. Een coalitie van 'klimaatridders' is nodig die de daad bij het woord voegen. Een gemeenschappelijke strijd voor de toekomstige generaties".

Brussel als goed voorbeeld

Om af te sluiten zou ik graag nog eens de bredere context aanhalen en de discrepantie die er bestaat binnen België op vlak van klimaatambitie. Vandaag vond het laatste overlegcomité van het jaar plaats, waarop onze vier klimaatministers het eens zijn geworden over het Belgische NEKP, met daarin de klimaatplannen van de gewesten en het federale niveau. Eind dit jaar moet België aan de Europese Commissie het definitief Nationaal Energie- en Klimaatplan voor de periode 2021-2030 voorleggen. De discussie is niet makkelijk geweest: het Vlaamse Energie- en Klimaatplan toont een schrijnend gebrek aan ambitie en urgentie vergeleken met dat van Wallonië en Brussel. Waar Brussel een broeikasgasreductiedoelstelling van 40% heeft, blijft Vlaanderen steken op 32,6%. De Vlaamse regering stapt de facto uit het Klimaatakkoord van Parijs en werpt die handdoek voor 2030 in de ring.

Op het vlak van hernieuwbare energie gebeurt hetzelfde: ze laat de doelstelling van 35 procent vallen en gaat hooguit voor 18,2 procent groene energie tegen 2030. Specialisten schatten dat Vlaanderen met het maatregelenpakket uit het klimaatplan hooguit zal uitkomen op een reductie van 15 tot maximaal 20 procent van de broeikasgassen. Dit alles zal de Vlaming 433 miljoen euro kosten volgens de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen, kosten die bovendien jaarlijks terugkeren als de Europese doelstellingen blijvend niet worden gehaald.
Het is dankzij Brussel en Wallonië dat België nog niet helemaal af gaat op internationaal niveau, en daarvoor maak ik graag mijn complimenten over aan deze Regering.

Ik heb nog een aantal vragen voor de Minister:

  • Welke mechanismen zijn er om tussentijds te rapporteren over de voortgang in emissiereducties en indien nodig de inspanningen aan te scherpen?
  • Kunt u al iets meer vertellen over het NEKP waarover vandaag een akkoord is bereikt tussen de ministers? Hoe ziet u de verdere samenwerking?
  • Het regeerakkoord kondigt een Brusselse Ordonnantie voor het Klimaat aan; kunt u een indicatie geven van de timing?
  • Is er op de klimaattop gesproken over commons en de ondersteuning van de duizenden grote en kleine burgerinitiatieven die mee bottom-up vechten voor de hoognodige transitie?